OVERWEGING

De vraag naar het einde van de wereld heeft altijd veel mensen beziggehouden. Sommigen weten dag en uur te voorspellen. Ook in onze dagen valt dit geluid te bespeuren: de verschillende crisissen in de wereld van nu zouden een voorboden zijn. Maar wat zegt jezus eigenlijk. Het eerste wat Hij zegt lijkt me te zijn dat we ons niet op sleeptouw moeten laten nemen door de mensen die zo precies weten wanneer die dag zal komen. Geen mens heeft weet van die dag. Dat lijkt me de eerste raadgeving van Jezus.
Het tweede wat Jezus ons wil zeggen, gaat over de rampen die zich altijd ergens ter wereld voordoen en die door velen worden opgevat als tekenen van het naderende einde. Enkele maanden geleden begon de wereld de storm van de pandemie te boven te komen en waren er tekenen van economisch herstel die verlichting zouden brengen voor miljoenen mensen die arm geworden waren door het verlies van werk. Er kwam een sprankje rust dat, zonder de pijn van het verlies van dierbaren te laten vergeten, eindelijk een terugkeer beloofde naar rechtstreekse intermenselijke betrekkingen, naar een hernieuwde ontmoeting zonder meer beperkingen of restricties. En toen verscheen een nieuwe ramp aan het horizon, voorbestemd om de wereld een ander scenario op te leggen.
De oorlog in Oekraïne is toegevoegd aan de regionale oorlogen die de afgelopen jaren dood en verderf hebben gezaaid. Maar hier is het beeld ingewikkelder door de rechtstreekse tussenkomst van een ‘supermacht ‘, die zijn wil wil opleggen tegen het beginsel van zelfbeschikking van de volkeren in. Scènes van tragische herinneringen worden herhaald, en de wederzijdse chantage van een paar machtige mensen bedekt opnieuw de stem van de mensheid die om vrede roept. En Jezus zegt: ‘dat alles moet wel gebeuren, maar het is niet het einde’. Met andere woorden: dat soort dingen gebeurt nu eenmaal, maar je kunt er niet de datum van het definitieve einde van de wereld mee berekenen.
En dan is er vandaag ook nog de werelddag van de armen: een gezonde provocatie om ons te helpen nadenken over onze manier van leven en de vele armoede van deze tijd. Hoeveel armen brengt de onzin van oorlog voort! Overal waar men kijkt, ziet men hoe geweld de weerlozen en zwakkeren treft. Deportatie van duizenden mensen – vooral kinderen – om hen te ontwortelen en hen een andere identiteit op te leggen. En dat nu terwijl de beschrijving van Gods handelen ten gunste van de armen toch een voortdurend refrein is in de Heilige Schrift.
De woorden van Lucas van vandaag zijn zeker geen theoretische dreiging. In zijn tijd werd immers de tempel van Jeruzalem in lichterlaaie gezet en Christenen werden vervolgd. De woorden berustten derhalve op bittere werkelijkheid . En met het evangelie lijkt het er op dat Lucas de eerste christenen vooral moet wilde inspreken. 
Wat zou het evangelie ons dan te zeggen hebben? Het heeft er veel van weg dat ons in herinnering wordt geroepen dat elke dag in feite het einde is van de wereld. Tempels kunnen worden afgebroken, maar er is een tempel die onverwoestbaar is: dat is het hart van ieder van ons. Aan dagen komt een einde, maar de liefde blijft.
In het evangelie van vandaag zegt jezus dat we niet moeten zoeken bij de glorie van de tempel met zijn pracht en praal en zijn luisterrijke eredienst, hoe mooi die ook zijn om te zien en om te horen. Wat mensen bouwen voor God, in steen, in voorschriften, in wetten en verordeningen, in liederen en muziek, in beleidsrapporten: het gaat allemaal voorbij. Het leeft zijn tijd, maar op den duur is het gevaar groot dat het een sta-in-de-weg wordt en niet meer naar leven leidt. Het heeft op dat moment zijn tijd gehad. Treur dan niet: het is wel een einde, maar niet het einde.
Tegen deze achtergrond mag ik misschien vandaag de regelvader van ons Norbertijnen citeren. Hij stelt in een van zijn vele geschriften: “was er maar geen overvloed aan slechte mensen, dan zou er ook geen overvloed aan slechte dingen zijn. Het zijn slechte tijden! Het zijn moeilijke tijden ! Dat zeggen mensen tenminste. Laten we liever goed leven, dan worden de tijden vanzelf goed. Wij zijn de tijden. Zoals wij zijn, zijn de tijden……Wat is er dan zo slecht aan de wereld ? Want de hemel, de aarde en het water zijn niet slecht, en alles wat daarin is, vissen, vogels en bomen, ook niet. Al de dingen zijn goed. Nee, het zijn de slechte mensen die de wereld slecht maken “ (tot zover het citaat van Augustinus).
Zo worden we opgeroepen waakzaam en standvastig te zijn. En de oproep van Paus Franciscus een plaats geven is dan minder moeilijk dan misschien aanvankelijk gedacht. Ons geloof niet zien als een soort publiciteitsstunt welke zorgt voor een goed gevoel van binnen. Maar geloof als datgene wat overblijft wanneer al het andere versleten is, zijn tijd heeft gehad en wordt afgebroken. Als de ene wereld aan haar einde komt, begint de andere. Het gaat er dus niet om, zoals zo dikwijls het geval is, een welwillende houding aan te nemen ten opzichte van de armen, het gaat er veeleer om, zich in te zetten opdat het niemand aan het nodige ontbreekt. Solidariteit is in feite het weinige dat we hebben delen met hen die niets hebben, zodat niemand lijdt. Hoe meer het gemeenschapsgevoel en de communio als levenswijze groeien, hoe meer solidariteit zich ontwikkelt.
En voor de tweede maal zou ik Augustinus willen citeren: “Maak jezelf niet wijs, dat alles in orde is als je aandachtig luistert naar het woord van de Heer, zonder het ook werkelijk te beleven. Als je er niet naar luistert en er geen aandacht aan schenkt, bouw je niets op. Maar als je er naar luistert zonder het in daden om te zetten, bouw je slechts Ruïne”. 
Wat voor luisteraars en wat voor bouwvakkers willen wij zijn om ook de armoede de wereld uit te helpen ?

Abt Denis Hendrickx